Zon & de huid
een informatiefolder van Uw dermatoloog  
 

  


Wat is zonlicht?
De zon is het centrum van ons zonnestelsel, de centrale ster in 'ons' stukje van het universum. De zon zendt verschillende soorten straling uit die in 3 groepen kan worden verdeeld: Ultraviolette straling
Ultraviolette straling (UV-straling) wordt op zijn beurt weer ingedeeld in 3 soorten: UV-A, UV-B en UV-C. Normaal gesproken houdt de dampkring om de aarde het grootste deel van de UV-straling tegen. Vooral de ozonlaag speelt hierin een belangrijke rol. De dampkring werkt dus als een UV-schild en dat is maar goed ook, aangezien UV-straling de huid ernstig kan beschadigen.


De goede kant van UV
Toch heeft UV-straling ook goede kanten: zo is het essentieel voor de aanmaak van Vitamine D in het menselijk lichaam. Een tekort hieraan veroorzaakt bij kinderen ontwikkelingsstoornissen van de botten. Tijdens de industriele revolutie in Europa werkten veel kinderen in fabrieken en kwamen slechts zeer weinig in de zon. Het gevolg was dat de beenderen niet goed tot ontwikkeling kwamen. Omdat dit fenomeen vooral veel in Engeland werd gezien (weinig zon én vroege industriele ontwikkeling) werd het de 'Engelse Ziekte' genoemd. De medische term hiervoor is Rachitis.
Bij normale blootstelling aan de zon is er ruim voldoende aanmaak van Vitamine D.

UV-straling heeft, mits goed gedoseerd, een ontstekingsremmende werking op de huid. Bij eczeem en psoriasis kan door de dermatoloog UV-lichttherapie worden toegepast.

De slechte kant van UV
De energie van UV-straling wordt in de huid opgenomen door eiwitten. Een belangrijke structuur in de huidcellen is het erfelijk materiaal, het DNA. Door de absorptie van de energie kan het DNA veranderen.


foto:  een typisch geval van 'photoageing': een zgn. 'landmanshuid' in de nek, diepe plooien en rimpels.

Bruinen
De huid probeert zich zelf ook te beschermen tegen de UV-straling. Dit gebeurt door het aanmaken van pigment dat in de cellen van de opperhuid wordt gelegd. Zo ontstaat een 'parasol' van pigment (melanine) die de cellen in de basis van de opperhuid afschermt tegen de UV-straling. Hierdoor wordt de kans op het onstaan van schade aan het DNA sterk verminderd. Dit proces kennen wij als 'bruinen'.
Mensen die moeilijk pigment aanmaken (zeer blonde mensen of mensen met rood haar) zijn dus nauwelijks in staat die beschermende pigment-paraplu te vormen en hebben dus een veel groter risico op het krijgen van huidkanker dan mensen die wel makkelijk bruin worden, of die van nature al een donkere huid hebben.

Hoeveel UV-straling zit er in zonlicht?
De kracht van het UV is van verschillende factoren afhankelijk:


Bescherming tegen UV-straling.
Gezien het risico op huidverbranding, ontwikkeling van huidkanker, en vervroegde veroudering van de huid is het belangrijk om de huid niet te veel bloot te stellen aan UV-straling. Wanneer U toch langere tijd aan de zon wordt blootgesteld (bijvoorbeeld tijdens vakanties) is een goede bescherming noodzakelijk.
Speciaal voor jongere kinderen (tot 16 jaar) is optimale bescherming van belang, omdat bekend is dat zonneschade aan de jonge huid een extra groot risico op huidkanker op latere leeftijd veroorzaakt.

Beschermingsmaatregelen:


Zonnebrandcreme
Zonnebrandcreme is een effectieve manier om de huid te beschermen tegen UV-straling. Elke zonnebrandcreme geeft een bepaalde graad van bescherming. Dit staat altijd op de verpakking vermeldt en wordt de Sun Protection Factor (SPF) genoemd.

Sun Protection Factor (SPF)
De SPF of beschermingsfactor, in het Nederlands meestal kortweg ‘de factor’ genoemd, geeft aan welke mate van bescherming de zonnebrand geeft. Een voorbeeld maakt het beste duidelijk wat de factor betekent:


Kiezen van een zonnebrandcreme
De beschermingsfactor van de zonnebrandcreme moet dus met zorg worden gekozen. Wanneer het gaat om optimale bescherming en verder niets, is een crème met een zeer hoge SPF de beste keus.
Is het doel echter om op een zo veilig mogelijke manier bruin te worden moet een crème met een lagere factor gekozen worden. Wanneer de blootstelling aan de zon slechts kort zal zijn kan een relatief lage SPF gekozen worden, bij langere blootstelling moet weer voor een crème met een hogere SPF gekozen worden.
Omdat de huid van kinderen extra makkelijk beschadigd kan worden door UV-straling moeten kinderen altijd optimaal beschermd worden met een hoge factor.

De onderstaande tabel geeft een indicatie welke crème tenminste voor welke huid gebruikt moet worden:
 
Huidtype 1 
(zeer licht huidtype, verbrandt snel, bruint nooit) 
factor 30
Huidtype 2
(licht huidtype, verbrandt vrij snel, bruint langzaam)
factor 15-20
Huidtype 3
(vrij licht huidtype, verbrandt niet snel, wordt makkelijk bruin)
factor 10-15
Huidtype 4
(iets getint huidtype, verbrandt (vrijwel) nooit, bruint snel) 
factor 5-10
Kinderen tot 16 jaar ongeacht het huidtype factor 30 !

Hoeveel moet ik smeren?
Om de bescherming te krijgen die de zonnebrandcrème belooft te geven moet de crème vrij dik op de huid worden aangebracht. Zuinig smeren geeft een veel lagere protectiefactor dan op de verpakking vermeld staat. Precieze richtlijnen over hoeveelheden toe te passen crème zijn niet te geven maar een 'hand vol' voor elke insmeerbeurt van de gehele huid is niet overdreven.

Hoe vaak moet ik smeren?
De kwaliteit van zonnebrandcremes is de laatste jaren sterk verbeterd. Toch slijt de beschermende zonnebrandcrème laag in een aantal uur. Dit wordt versneld door het dragen van kleding, liggen in het zand en zwemmen. De ‘waterproof’ cremes blijven weliswaar beter op de huid zitten na watercontact, maar toch blijft het zaak om de huid regelmatig opnieuw in te smeren. Omdat zonnebrandcreme vaak pas na ca. 30 minuten optimaal werkt is het verstandig de crème steeds tijdig aan te brengen.
 

Gerelateerde onderwerpen
Informatie over zonbeschermingsproducten op het internet
Uw informatiefolder over zon & huid is mede mogelijk gemaakt door onze sponsor. De sponsors heeft geen invloed op de inhoud van de foldertekst.
 

Colofon

Uitgever en copyright: www.huidinfo.nl
Voorbehoud: zie disclaimer