![]() |
|
| Necrobiosis lipoïdica |
een informatiefolder van Uw
dermatoloog |
Wie
krijgt het?

Zoals gezegd komt de
aandoening
vooral voor bij mensen met insuline-afhankelijke diabetes mellitus (=
suikerziekte
type 1). Ongeveer de helft van de mensen met necrobiosis lipoïdica
heeft diabetes. Andersom heeft maar minder dan 1% van alle mensen met
diabetes
ook necrobiosis. De meeste patienten zijn tussen de 30 en 50 jaar oud.
Hoe
ziet het eruit?
Necrobiosis lipoïdica
komt vooral aan de onderbenen voor.
Het begint typisch als een
rood-paarse ovale plek, die langzaam groter wordt. De zich uitbreidende
rand is felrood en het centrum verkleurt langzaam van rood naar
geel-bruin.
De uiteindelijke kleur lijkt sterk op die van appelmoes. Er ontstaan
ook
kleine verwijdde bloedvaatjes in het centrum (teleangiectasieën)
en
de huid wordt dun.
De dunne huid in het
centrum
wordt makkelijk beschadigd: na stoten kunnen moeilijk genezende wonden
ontstaan.
Hoe
wordt het behandeld?
Kleine plekken kunnen met
redelijk succes worden behandeld met een corticosteroidzalf.
Ook het dragen van elastische steunkousen kan de klachten verminderen.
Wanneer in de necrobiosis
niet-genezende wondjes zijn ontstaan zijn andere behandelingen mogelijk
aangewezen zoals prednison of aspirine. Prednison kan de glucosespiegel
bij diabetici ontregelen, dus deze behandeling wordt vaak uitgevoerd in
samenspraak met de internist.
Er zijn ook wel goede
resultaten beschreven met PUVA-lichttherapie. Lokale PUVA therapie
wordt in een aantal Nederlandse ziekenhuizen aangeboden, zoals het Diaconessenhuis Leiden.
| Gerelateerde
onderwerpen |
|
|
|